Spartanisches Schild


Reviewed by:
Rating:
5
On 18.02.2020
Last modified:18.02.2020

Summary:

Spartanisches Schild

Schau dir unsere Auswahl an spartanischer schild an, um die tollsten einzigartigen oder spezialgefertigten, handgemachten Stücke aus unseren Shops zu. bobis.nuraft Mittelalter Spartanisches Schild, 45, 7 cm, griechischer König Leonidas - Finden Sie alles für ihr Zuhause bei bobis.nu Spartan Silber Anhänger, griechische spartanische Schild Anhänger, griechische Geschichte, Spartaner Anhänger, Lacedaemonians Anhänger, spartanischen.

Spartanisches Schild Spartanisches schild ws881004

Das spartanische Heer, die Truppen der Polis Sparta, galt im antiken Griechenland während Der Schild war schwer zu manövrieren und lediglich eine Teildeckung der Flanke und besser geeignet für enge Formationen. In bestimmten. doer was es ist auf dem spartanischen Schild steht da ich mir ein Tattoo mit diesem symbol machen will!! Dekoration spartanischer Schilde. Schau dir unsere Auswahl an spartanischer schild an, um die tollsten einzigartigen oder spezialgefertigten, handgemachten Stücke aus unseren Shops zu. Spartan Silber Anhänger, griechische spartanische Schild Anhänger, griechische Geschichte, Spartaner Anhänger, Lacedaemonians Anhänger, spartanischen. Im Jahre vor Christus greift das persische Reich Griechenland an und während die Landsleute fliehen und den Angreifern den Rücken zuwenden. Kaufe "Spartanisches Schild" von Tyler Cunningham auf folgenden Produkten: Poster. Kaufe "Spartanisches Schild" von Tyler Cunningham auf folgenden Produkten: Tote Bag.

Spartanisches Schild

In enger Zusammenarbeit mit dem Ausgangsmaterial, dem erstaunlichen Graphic Novel , und in direkter Absprache mit Frank Miller haben wir dieses Schild. Schau dir unsere Auswahl an spartanischer schild an, um die tollsten einzigartigen oder spezialgefertigten, handgemachten Stücke aus unseren Shops zu. Kaufe "Spartanisches Schild" von Tyler Cunningham auf folgenden Produkten: Tote Bag.

Spartanisches Schild 10. Francisco de Zurbarán Video

making a roman shield(scutum)

Het buikpantser bestaat uit zes achter elkaar liggende dubbele rijen schilden en het tussenkeelschild intergulair , dat tussen de nekschilden gulair ligt.

Het tussenkeelschild is het enige niet-gepaarde buikschild. Bij de halswenders is tussen de voorste twee buikschilden altijd een ongepaard schild aanwezig.

Sommige schildpadden hebben kenmerkende aanpassingen aan het schild om beter beschermd te zijn tegen vijanden. De doosschildpadden hebben een zowel aan de voor- als achterzijde scharnierend buikpantser dat omhoog geklapt kan worden.

Bij de klepschildpadden kan de achterzijde van het rugschild omlaag worden geklapt, zie ook het kopje verdediging. Sommige schildpadden, zoals de alligatorschildpad Macrochelys tenminckii , hebben een sterk gereduceerd buikpantser dat slechts een klein deel van de buik bedekt.

Naast de verdediging dient het schild ook andere doelen, zo isoleert het de warmte waardoor een schildpad minder snel afkoelt en vervullen de beenplaten een functie als kalkvoorraad, [5] wat handig is voor zwangere vrouwtjes voor de productie van de eieren.

Door hun grote schild met verharde hoornschilden bestaat slechts een deel van het lichaamsoppervlak uit flexibele huid, alleen op de kop, poten en staart.

Ook het schild van de schildpad is bedekt met huid, ieder hoornschild bestaat uit een enkele, sterk vergrote schub.

Tussen de beenplaten en de hoornschilden is een dunne laag lederhuid aanwezig, waarin de hoornschilden worden gevormd. Deze laag is sterk doorbloed en voorzien van zenuwen, het schild van schildpadden is gevoelig wat te merken is als men de naden tussen de hoornschilden aanraakt.

De rekbare huid die de rest van het lichaam bedekt bestaat net zoals bij alle reptielen uit een schubbendragende opperlaag. De meeste schubben zijn klein, die op de kop zijn vaak groter en dikker ter bescherming.

Bij landschildpadden zijn aan de voorzijde van de voorpoten vaak sterk vergrote schubben aanwezig die een defensieve functie hebben, een schildpad brengt de poten voor de ingetrokken kop bij bedreiging.

De meeste schildpadden hebben een donkere groene tot bruine kleur met een camouflerende tekening zoals lichtere tot gele of rode strepen, stippen, vlekken of landkaarttekeningen.

Een aantal schildpadden heeft bijzonder kleurrijke tekeningen op met name de nek en kop, zoals de diadeemschildpad , de geelwangschildpad en de roodwangschildpad.

De schubbenhuid moet regelmatig worden vervangen, dit gebeurt tijdens de vervelling of ecdysis. Hierbij laat de bovenste laag van de schub los, hieronder is reeds een nieuwe uitgeharde schub aanwezig.

De schubben laten net als bij de krokodilachtigen een voor een los en niet in flarden zoals bij de hagedissen of allemaal tegelijk, zoals bij de slangen het geval is.

Ook de hoornschilden op de rug worden individueel afgeworpen, de losgelaten plaatjes zijn dun en bijna doorzichtig. Bij in gevangenschap gehouden schildpadden wordt door onervaren mensen wel gedacht dat de dieren ziek zijn, bij jongere exemplaren is regelmatig vervellen echter normaal.

Na iedere vervelling krijgen de hoornschilden er een ribbeltje bij, zodat aan de hoornschilden is af te lezen hoeveel vervellingen het dier heeft ondergaan.

Oudere dieren vervellen echter minder vaak dan juvenielen, zodat het aantal laagjes van de hoornschilden hooguit iets zegt over de relatieve leeftijd van de schildpad en niet over de leeftijd in jaren.

De kop van schildpadden is eivormig, de nek is relatief lang en zeer beweeglijk. De kop kan meestal worden teruggetrokken onder het schild.

Dit is niet bij alle soorten het geval en de schildpadden zijn zelfs verdeeld in twee groepen. Schildpadden die de kop direct onder het schild terugtrekken, behoren tot de Cryptodira of halsbergers.

Verreweg het grootste deel van de schildpadden behoort tot deze groep. Er zijn twee uitzonderingen die wel tot de halsbergers behoren maar de kop niet terugtrekken.

De soorten uit de familie bijtschildpadden hebben een te grote kop om terug te trekken. De andere groep schildpadden heeft een relatief lange nek en buigt deze samen met de kop onder de schildrand, deze families behoren tot de Pleurodira of halswenders.

Bij een aantal soorten is de nek langer dan het schild. De lange nek van de laatste groep heeft als voordeel dat de schildpad in wat dieper water kan leven.

Schildpadden zijn de enige reptielen zonder tanden. In plaats daarvan hebben ze scherpe, verhoornde randen aan de bek, net als vogels , waarmee ze hapklare brokken van het voedsel af kunnen snijden.

De vorm van de bek is snavelachtig. Enkele soorten hebben een zeer sterk naar onder gekromde, papegaaiachtige bek. De beet van veel soorten is zeer krachtig.

De ogen zijn meestal klein en altijd aan de zijkant van de kop gepositioneerd. Ze hebben een ronde pupil en een groene, grijze of oranje tot rode iris.

Een schildpad heeft altijd vier poten, de poten zijn relatief kort en gekromd, ze staan net als bij de hagedissen aan de zijkant van het lichaam. De poten zijn bij waterminnende soorten sterk peddel-achtig afgeplat zodat de schildpad beter kan zwemmen.

Tijdens het zwemmen worden alle vier de poten gebruikt, veel in water levende schildpadden zijn ondanks hun aquatiele levenswijze slechte zwemmers en lopen over de bodem van het water, voorbeelden zijn de matamata en de bijtschildpad.

De poten zijn omgevormd tot flippers, dit komt ook voor bij de Nieuw-Guinese tweeklauwschildpad Carettochelys insculpta , [7] een grote in zoetwater levende soort.

De voorpoten, die gebruikt worden voor de voortstuwing, zijn bij deze soorten veel langer dan de achterpoten die dienen om te sturen. Op het land zijn dergelijke poten echter niet handig waardoor de zeeschildpadden hier erg traag en kwetsbaar zijn als ze zich op het land bewegen om de eitjes af te zetten.

Landbewonende soorten hebben vier korte, ongeveer gelijke poten die massief en rond zijn en een vlakke onderzijde hebben om stevig op te kunnen staan.

Het gewicht van grotere soorten landschildpadden kan honderden kilo's bedragen en ze moeten het lichaam optillen om zich voort te kunnen bewegen. De poten worden niet alleen voor de voortbeweging gebruikt maar ook om het voedsel af te scheuren.

Met de bek wordt het voedsel vastgehouden en afgesneden, waarna met de scherpe klauwen delen worden afgescheurd tot hapklare brokken.

Een andere functie van de poten is het graven van het nest, hiervoor worden altijd de achterpoten gebruikt. Veel waterschildpadden manoeuvreren zich tijdens het nemen van een zonnebad in een positie waarbij ze zo veel mogelijk zonlicht opvangen, de voorpoten worden afgeplat en de achterpoten naar achteren gestoken.

De gedraaide poten zorgen voor een groter lichaamsoppervlak waardoor meer zonlicht wordt opgevangen. De poten dragen vaak nagels die dienen om op het land te klimmen.

Bij veel soorten hebben de mannetjes langere nagels dan vrouwtjes, dit komt doordat ze zich op het vrouwtje moeten hijsen bij de paring.

De langere nagels van de mannetjes zijn ook een secundair geslachtskenmerk , ze dienen om de vrouwtjes te imponeren. Sommige schildpadden kunnen in bomen klimmen om te zonnen, hierbij wordt de bek als grijporgaan gebruikt.

Alleen bomen die boven het water hangen worden beklommen. Hierdoor slaat de schildpad niet te pletter als het dier zich bij verstoring laat vallen om te ontkomen maar belandt in het water en kan zo ontsnappen.

Voorbeelden van soorten waarvan beschreven is dat soms in bomen geklommen wordt zijn de grootkopschildpad Platysternon megacephalum en enkele soorten uit de familie modder- en muskusschildpadden Kinosternidae.

Een schildpad heeft altijd een staart, bij veel soorten blijft deze klein maar de staart kan ook bijna net zo lang zijn als het schild. De staart heeft geen echte functie meer; een schildpad kan niet snel rennen als een hagedis, die de staart gebruikt als balans.

Ook bij het zwemmen is de staart nutteloos, in tegenstelling tot een krokodil die de staart als peddel gebruikt. Bij veel soorten schildpadden zijn de mannetjes te onderscheiden van de vrouwtjes door een langere en dikkere staart.

De grootkopschildpadden hebben een staart die ongeveer de helft van de lichaamslengte is en vele driehoekige beenplaatjes draagt.

De staart van deze soorten lijkt wat op die van een krokodilachtige. Schildpadden wijken fysiologisch sterk af van alle andere reptielen, het door botweefsel gevormde schild, de positie van de schoudergordel en de vorm van de bek.

Anatomisch gezien zijn de verschillen kleiner; schildpadden hebben dezelfde organen als andere reptielen en een vergelijkbare bloedsomloop, spijsvertering en ademhaling.

Schildpadden hebben altijd twee longen, in tegenstelling tot veel slangen, en zijn in het bezit van een urineblaas, die bij enkele groepen van reptielen ontbreekt.

Het skelet van een schildpad bestaat van snuit tot staartpunt uit de schedel 1 , de halswervels 2 , de schoudergordel 3 en voorpoten , de borstwervels 10 met de sterk afgeplatte ribben, de bekkengordel 12 met achterpoten en ten slotte de staartwervels Aan de onderzijde van het schild is het plastron 11 aanwezig dat de buik beschermt.

Veel reptielen hebben 'gaten' in de schedel, die met een wetenschappelijker naam fanestrae of vensters worden genoemd en dienen als aanhechtingspunt voor de kaakspieren.

Bij schildpadden ontbreken deze echter, waardoor de groep lange tijd tot de Anapsida werd gerekend, wat vrij vertaald vensterlozen betekent.

Andere reptielen worden tot de Diapsida twee-vensterigen gerekend, maar vermoed wordt dat ook de schildpadden tot deze groep behoren en dat de vensters zijn dichtgegroeid.

De verschillende schedelbotten van schildpadden wijken af van die van andere reptielen, zo is het vierkantsbeen hol, het steekt aan de achterzijde van de kop uit en is zichtbaar aan de zijkant van de kop.

Bij de meeste primitieve reptielen, zoogdieren en vogels zijn vierkantsbeen en quadrato jugal juist vrij klein en worden aan de buitenzijde bedekt door een groot schubvormig schedelbeen.

Een schildpad heeft altijd acht halswervels, die zeer beweeglijk zijn. Bij het in het schild terugtrekken van de kop wordt bij de schildpadden die behoren tot de halswenders Pleurodira eerst de nek gebogen waarna de kop zijwaarts wordt teruggetrokken, de nek wordt langs de schildrand gebogen.

Hierbij worden de halswervels in een S- vorm gebogen en kunnen zowel links- als rechtsom buigen. Bij de halsbergers Cryptodira kan de nek en de kop direct in het schild worden teruggetrokken, de halswervels bevinden zich dan binnen de schoudergordel.

Een voor gewervelden unieke aanpassing is de positie van de schoudergordel, deze bevindt zich tussen de ribben in het schild, evenals de bekkengordel.

De botten van de voor- en achterpoten zijn gekromd en staan zijwaarts gericht. De borstwervels zijn vergroeid met de beenplaten en maken onderdeel uit van het schild, een schildpad heeft altijd tien borstwervels.

Een schildpad heeft ten slotte twee sacrale wervels die het heiligbeen vormen en ongeveer twintig tot dertig staartwervels.

Deze zijn het kleinst, de staart is vooral aan de basis meer beweeglijk maar is verder relatief stijf. De staart wordt nooit direct teruggetrokken zoals de kop maar wordt altijd onder de schildrand geborgen.

Schildpadden hebben longen en moeten regelmatig ademhalen. Veel soorten hebben een lange nek om in dieper water te kunnen leven en enkele soorten hebben zelfs een verlengde, steel-achtige neus.

Vrijwel alle schildpadden kunnen goed zwemmen maar houden dat niet lang vol; in te diep water kan een schildpad zelfs verdrinken.

Een schildpad kan zijn lichaamsvolume in tegenstelling tot andere dieren niet vergroten door het harde schild; de longen kunnen hierdoor niet sterk uitzetten wat de ademhalingscapaciteit beperkt.

Bij bedreiging moet een schildpad zelfs eerst alle lucht uit de longen persen om zijn kop en poten terug te kunnen trekken. De longen van schildpadden zijn relatief groot en bevatten net als andere reptielen luchtpijpvertakkingen bronchioles die eindigen in longblaasjes alveolen.

Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld kikkers, die longen hebben die vergelijkbaar zijn met een lege zak. Spieren bij de voorpoten worden gebruikt om de longen verder uit te zetten, spieren tegen het longoppervlak dienen om de longen te ledigen.

Ook zijn er soorten met dergelijke aanpassingen in de cloaca , het water wordt in- en uit de cloaca gepompt waarbij zuurstof aan het water wordt onttrokken.

Aan het einde van de endeldarm is een gepaarde blaas aanwezig, het geheel wordt aangeduid als de anaalblazen. In water levende soorten kunnen met de sterk doorbloede wanden van deze blazen zuurstof opnemen uit het water.

Ze kunnen zo overwinteren op de bodem van het water terwijl deze bedekt is met een laag ijs. Een voorbeeld van een dergelijke soort is de fitzroyschildpad Rheodytes leukops.

Schildpadden kunnen de lucht in de longen gecontroleerd van de ene naar de andere long verplaatsen. Dit wordt door waterbewonende soorten gebruikt als balans om zo hun zwaartepunt te veranderen.

Dit is te vergelijken met de zwemblaas van vissen. Vanwege het ontbreken van tanden kunnen schildpadden het voedsel niet vermalen.

Ter ondersteuning van de spijsvertering slikken schildpadden kleine steentjes in die het voedsel in de maag helpen vermalen. Deze 'maagstenen' worden gastrolieten genoemd.

Het inslikken van stenen komt ook voor bij andere reptielen als krokodilachtigen, en loopvogels. Het spijsverteringsstelsel is aangepast op het menu; soorten die veel planten eten hebben een dunne darm die veel langer dan de lichaamslengte kan zijn.

Alle schildpadden hebben een bijzonder grote lever. Het is het grootste inwendige orgaan. De lever ondersteunt niet alleen de spijsvertering door gal aan te maken maar speelt ook een rol als de schildpad in een omgeving met een zeer lage temperatuur terechtkomt.

Dit komt voor bij op het land overwinterende schildpadden. De lever scheidt dan verbindingen uit die een met antivries vergelijkbare werking hebben.

Schildpadden hebben net als veel hagedissen een urineblaas , die bij andere reptielen zoals krokodilachtigen en slangen ontbreekt. De urine wordt net als de ontlasting uitgescheiden door de cloacaholte , die gelegen is aan de staartbasis en dwars op de lichaamsas gepositioneerd is.

Schildpadden zijn tot op zekere hoogte in staat zware verwondingen te overleven doordat ze een goed ontwikkeld vermogen tot regeneratie hebben; het vervangen van beschadigde delen zoals het schild.

Schildpadden staan bloot aan gevaren waartegen zelfs het harde schild ze niet tegen beschermt, zoals beten van krokodilachtigen of roofvogels die de schildpad van grote hoogte laten vallen om het dier te kraken.

Scheuren in het schild zijn een vaak voorkomende verwonding en hoewel de genezing langzaam gaat kunnen schildpadden volledig genezen van dergelijke beschadigingen, al blijft de scheur vaak zichtbaar op het schild.

Ook bosbranden kunnen grote schade aanrichten aan het schild. Als de levende huidlaag tussen de beenschilden en de hoornschilden niet al te zwaar beschadigd is, groeien de hoornschilden geheel of gedeeltelijk weer aan.

Een schildpad kan indien een poot wordt afgebeten door bijvoorbeeld een haai niet de gehele poot laten aangroeien maar is wel in staat dergelijke zware verwondingen te laten helen en zonder zichtbare moeite verder te leven.

Een opmerkelijke waarneming werd gedaan door Deraniyagala, die beschreef dat de hoornschilden van karetschildpadden , nadat deze in kokend water werden gedompeld en van het schild werden verwijderd, geheel aangroeiden als de schildpad nog jong was.

Schildpadden hebben een goed gezichtsvermogen, de ogen zijn complex. Omdat schildpadden net als vogels en andere reptielen vier soorten kegeltjes op het netvlies hebben, kunnen ze naast kleuren ook delen in het ultraviolette en infrarode spectrum waarnemen.

Ook 's nachts kan de schildpad goed zien door het hoge aantal staafjes op het netvlies. Het gezichtsvermogen is een belangrijk zintuig om voedsel en vijanden op afstand te lokaliseren.

Veel waterschildpadden kunnen uitstekend zien onder water, op het land echter is het gezichtsvermogen beperkt. Met name in het water levende schildpadden hebben een goed ontwikkeld reukvermogen om voedsel op te sporen.

Zowel levende prooidieren als in het water liggende karkassen van andere dieren worden opgespoord, veel waterschildpadden hebben aas op het menu staan.

Tijdens de voortplantingstijd wordt de reukzin gebruikt om een soortgenoot van het andere geslacht te zoeken. Bij in water levende soorten kunnen de schildpadden elkaar zo over grote afstanden lokaliseren.

Schildpadden hebben net als veel andere gewervelden een orgaan van Jacobson , dit reukorgaan heeft echter een afwijkende bouw in vergelijking met andere reptielen.

Schildpadden hebben geen goed gehoor, omdat ze wel inwendige oorbotjes hebben, maar geen uitwendige gehooropening. Het trommelvlies is bedekt door de huid.

De stijgbeugel stapes is recht en staafvormig. De trillingen verplaatsen zich via de achterpoten en het schild naar het binnenoor. Een schildpad kan voornamelijk lage tonen waarnemen.

Een aantal soorten schildpadden heeft kleine tastzintuigen aan de kin die te vergelijken zijn met de baarddraden van vissen. Schildpadden hebben een relatief klein stel hersenen dat echter hoog is ontwikkeld.

Vooral de delen van de hersenen die gaan over de reuk, het zicht en het evenwicht zijn goed ontwikkeld.

Schildpadden zijn in het bezit van een goed geheugen en uit in gevangenschap gehouden exemplaren blijkt dat ze ook kunnen leren.

Schildpadden zijn net als alle andere reptielen koudbloedig of meer specifiek ectotherm ; ze kunnen zelf geen lichaamswarmte produceren.

Dit is de reden dat vrijwel alle soorten in koude gebieden niet kunnen overleven en de meeste schildpadden in subtropische tot tropische gebieden voorkomen.

Veel schildpadden zijn overdag actief maar moeten op het heetst van de dag schuilen of zijn gedwongen zich gedurende een heel hete of koele periode enige tijd te verschuilen.

Soorten die in meer gematigde streken zoals Centraal-Europa of Noord-Amerika leven houden een winterslaap. Schildpadden worden steeds trager als de temperatuur in de herfst lager wordt en eten steeds minder.

Vlak voor de dieren hun zomer- of winterkwartier opzoeken stoppen ze volledig met eten, ze zijn nog enige tijd actief waarbij de laatste voedselresten worden uitgescheiden.

Dit voorkomt dat de resten gaan rotten, een schildpad overwintert met een lege maag en teert op zijn reserves.

Dit is ook de reden dat veel soorten zich het liefst zo vroeg mogelijk in het jaar voortplanten. Het nageslacht heeft zo langer de tijd zich te ontwikkelen en zo veel reserves op te bouwen om de volgende winter te overleven.

Waterschildpadden kruipen weg in de modder van het water waar de temperatuur zelden lager is dan 4 graden, ze zijn soms al actief bij een watertemperatuur van 8 graden.

Landschildpadden moeten zich diep ingraven om niet te bevriezen, ze ontwaken pas bij een hogere temperatuur. Als bevriezing van het lichaam optreedt sterft het weefsel af en zal de schildpad niet meer ontwaken.

Veel soorten hebben echter diverse trucjes om dit te voorkomen. Een voorbeeld is de vierteenlandschildpad Testudo horsfieldii , die met antivriesmiddel vergelijkbare stoffen in het bloed heeft en zo een temperatuur beneden het vriespunt kan overleven.

Schildpadden zijn vaak dagactief, maar er zijn enkele uitzonderingen. Voorbeelden zijn veel modder- en muskusschildpadden en de matamata.

Deze soorten zijn schemer- of nachtactief en trekken zich overdag terug. Ook de gopherschildpad is een schemeractieve soort, die leeft in zeer hete gebieden.

Deze schildpad trekt zich overdag terug in zelfgegraven holen. Veel dagactieve soorten die in koele of gematigde gebieden leven nemen graag een zonnebad.

Waterschildpadden zijn hierbij zeer tolerant; de dieren kruipen vaak op elkaar wat door de onderste dieren geduld wordt.

Om de opname van warmte te bevorderen wordt het lichaam in de richting van de zon gekeerd waarbij de voorpoten worden afgeplat. De achterpoten worden gestrekt en met de platte kant richting de zonnewarmte gehouden.

Ook de nek wordt gedraaid om een zo groot mogelijk lichaamsoppervlak bloot te stellen aan de zon. Door het nemen van een zonnebad worden schildpadden sneller en actiever.

Bovendien versnelt een hogere lichaamstemperatuur net als bij alle reptielen de spijsvertering aanzienlijk. Door de isolerende werking van het schild kan de warmte een tijdje opgeslagen worden, het effect hiervan is echter gering.

Een bijzondere soort is de lederschildpad Dermochelys coriacea , die dankzij de permanent zwemmende levenswijze een verhoogde lichaamstemperatuur heeft ten opzichte van zijn omgeving.

Hierdoor kan de schildpad zelfs in de poolwateren naar voedsel zoeken. Schildpadden kunnen door hun schubbenhuid niet zweten om af te koelen en moeten bij hitte verkoeling zoeken in het water of schuilen in een hol onder de grond.

Landbewonende soorten graven vaak hun eigen hol, waterschildpadden zoeken meestal het water op bij hete omstandigheden. Landschildpadden nemen graag een modderbad ter verkoeling, dit dient ook om van parasieten af te komen.

Als er in langdurig hete perioden geen voedsel aanwezig is vanwege de droge omstandigheden, trekken sommige soorten zich enkele weken tot maanden terug in een hol.

Deze rustperiode wordt overzomering of aestivatie genoemd. Schildpadden hebben een vrij uniforme manier van voortplanting en ontwikkeling.

Alle soorten leggen eieren die begraven worden waarna de juvenielen zich enige tijd later uitgraven en zich relatief langzaam ontwikkelen.

In tegenstelling tot andere reptielen zoals krokodilachtigen en sommige hagedissen kent geen enkele soort enige vorm van broedzorg , waardoor de juvenielen er alleen voor staan.

Mannetjes en vrouwtjes zijn te onderscheiden door wat afwijkende kenmerken die echter niet altijd goed te zien zijn.

Mannelijke schildpadden blijven over het algemeen kleiner en lichter dan vrouwtjes. Bij schildpadden komt een kleuromslag bij de mannetjes in de paartijd zoals bij hagedissen in principe niet voor.

Een zeldzame uitzondering is de callagurschildpad , waarvan het mannetje een witte kop krijgt met rode en blauwe vlekken. Schildpadden kennen een inwendige bevruchting, waarbij het mannetje zijn sperma direct in de vrouwelijke geslachtsopening brengt.

Alle soorten leggen zonder uitzondering eieren. De voortplantingstijd van een schildpad is soortspecifiek.

Voordat de paring plaatsvindt, vechten rivaliserende mannetjes vaak door tegen elkaar te beuken. Schildpadden kennen een balts die ook weer verschilt per soort.

Bij veel waterschildpadden hebben de mannetjes zeer lange nagels aan de voorpoten, die ze gebruiken om naar het vrouwtje te waaieren.

Landbewoners achtervolgen elkaar, waarbij de mannetjes de vrouwtjes bijten. Dit agressieve gedrag komt bij wel meer reptielen voor zoals de hagedissen, die het vrouwtje zo met de bek vasthouden tijdens de paring.

Bij schildpadden echter wordt het bijten van het mannetje beloond met een betere toegang tot de cloaca van het vrouwtje. Een schildpad is eenvoudig beschouwd een schild met een lichaam erin, wat vergelijkbaar is met een ballon: als de ene kant wordt ingedrukt, stulpt de andere kant uit.

Als het vrouwtje haar kop en nek aan de voorzijde intrekt, wordt haar cloaca zo makkelijker toegankelijk. De mannetjes hebben vrijwel altijd een enkelvoudige penis , alleen de weekschildpadden hebben een enigszins gevorkte penis voor een betere toegang tot de cloaca van het vrouwtje.

Een volledig gespleten penis of 'hemipenis' is overigens normaal bij andere reptielen als slangen en hagedissen.

De paring van waterbewonende schildpadden vindt plaats in het water, strikt landbewonende soorten paren op het land.

Bij de paring van landbewonende schildpadden gaat het mannetje op de achterpoten staan en hijst zich met de voorpoten gedeeltelijk op het vrouwtje.

De pose lijkt nog het meest op de houding die bij mensen de hondjeshouding wordt genoemd. Het mannetje maakt schokkende bewegingen en spert de bek tijdens de paring open.

Ook worden, met name bij de grotere soorten, hijgende, grommende of zelfs luid gillende geluiden gemaakt die voor reptielen hoogst ongebruikelijk zijn.

Het vrouwtje daarentegen maakt meestal een gelaten indruk, soms wandelt ze tijdens de paring verder en neemt het mannetje zo letterlijk op sleeptouw, ook vrouwtjes die de copulatie al etend doorbrengen zijn wel beschreven.

Schildpadden zijn zonder uitzondering ovipaar, ofwel eierleggend. Omdat het produceren van eitjes veel energie van een vrouwtje vergt, worden niet altijd ieder jaar nakomelingen geproduceerd zoals bij de meeste gewervelden.

De eieren worden bijna altijd begraven in de bodem, vrijwel altijd wordt een zanderige locatie opgezocht. Meestal wordt een ondiepe kuil gegraven waarin de eieren worden gedeponeerd en de kuil wordt vervolgens dichtgegooid met de achterpoten.

Als de grond te droog is wordt deze door een aantal soorten bevochtigd met vloeistoffen uit de darm. Veel soorten zeeschildpadden trekken ieder jaar naar bepaalde stranden om daar de eitjes af te zetten.

Dit wordt ook wel arribada genoemd. Dit zijn altijd dezelfde stranden, omdat de dieren erg strikt zijn is goed te voorspellen wanneer ze weer aan land komen.

Ze graven eerst een kuil om zich in te verbergen tijdens de eiafzet, daarna graven ze het nest. Tijdens het leggen verkeren de vrouwtjes in een soort trance waarbij ze gemakkelijk te benaderen en zeer kwetsbaar zijn.

Bij zeeschildpadden verlaten de jonge dieren gelijktijdig het nest om zo de overlevingskansen te vergroten, dit is echter niet bij alle soorten het geval.

Ook is bekend dat de juvenielen van Chrysemys picta in het ei kunnen overwinteren. De eieren van schildpadden zijn ovaal tot kogelrond van vorm en wit tot witgeel van kleur.

Ze kunnen een heel zachte schaal hebben of een meer verkalkte schaal. De eieren van alle soorten hebben een poreuze schaal zodat zuurstof kan worden onttrokken aan de omgeving en water worden uitgescheiden.

Schildpaddeneieren worden meestal op het land afgezet omdat de embryo's zuurstof nodig hebben en dit niet uit het water kunnen onttrekken. Er zijn echter uitzonderingen, zo legt Chelodina rugosa de eieren onder water van uitdrogende waterpoelen.

Andere eieren komen juist uit onder water, zoals die van de Nieuw-Guinese tweeklauwschildpad Carettochelys insculpta. Hierdoor komen de eieren gesynchroniseerd uit tijdens de regentijd.

Een aantal schildpadden, zoals alle zeeschildpadden, produceren grote legsels. Beide tactieken dienen om het kroost zo veel mogelijk overlevingskansen te bieden.

Bij soorten die maar een enkel ei afzetten, is het embryo verder ontwikkeld dan bij soorten met veel eieren.

Bij soorten die veel eieren afzetten is de vorm van het ei rond, bij soorten die weinig eieren produceren is het ei meer ovaal van vorm. Schildpadden hebben geen geslachtschromosomen ; het geslacht wordt bepaald door de omgevingstemperatuur tijdens de incubatieperiode.

Een lagere temperatuur zorgt voor een mannetje, een hogere voor een vrouwtje, dit wordt temperatuurafhankelijke geslachtsbepaling genoemd.

Er zijn echter uitzonderingen bekend waarbij het geslacht niet bepaald wordt door de omgevingstemperatuur.

Enkele weken tot maanden nadat de eitjes zijn afgezet kruipen de jongen uit het ei en graven zich uit. Schildpadden hebben als ze uit het ei kruipen een zogenaamde eitand , die alleen dient om het ei te openen en daarna al spoedig loslaat.

Soorten die op het land leven, verspreiden zich over het land, soorten die in water leven zoeken zo snel mogelijk het water op.

Bij de schildpadden valt op dat de jongen soms totaal niet op de ouders lijken. Het schild is altijd platter, maar ook de vorm van het schild en de tekeningen op zowel schild als huid kunnen zeer sterk afwijken.

De schildrand heeft bij veel soorten doornachtige uitsteeksels aan de achterzijde van het schild en is vaak voorzien van opstaande lengtekielen, deze kenmerken vervagen naarmate de schildpad groeit en ouder wordt.

Van enkele schildpadden werd vanwege het grote verschil in jeugd- en volwassen vorm zelfs lange tijd gedacht dat de jongen en de volwassen dieren twee verschillende soorten waren.

Ook het voedsel is vaak anders, de jongen eten vrijwel altijd meer dierlijk materiaal dan de volwassen exemplaren, dit komt doordat ze sneller groeien en als gevolg hiervan meer dierlijke eiwitten nodig hebben.

Als een schildpad eenmaal volwassen is, blijft het dier zijn hele leven groeien, al groeien heel oude exemplaren zeer langzaam.

De schildvorm blijft vaak veranderen maar niet meer zo drastisch. Heel oude schildpadden hebben vaak een platter en langer schild dan recent volwassen geworden exemplaren, hoewel dit enigszins per soort verschilt.

Sommige schildpadden krijgen juist een meer bulterig schild, het centrum van iedere bult wordt gevormd door het midden van een hoornplaat.

De oudere dieren verliezen de helderheid van de kleurentekening en hebben vaak een enigszins verweerd schild, dat vaak littekens draagt van aanvallen van vijanden zoals roofvogels of krokodilachtigen.

Schildpadden doen er erg lang over om volwassen te worden en zich voort te planten. Hierdoor zijn schildpadden relatief kwetsbaar.

Ze kunnen echter zeer oud worden, de kleinste soorten bereiken gemakkelijk een leeftijd van twintig tot veertig jaar. Grotere soorten kunnen meer dan honderd jaar oud worden en de alleroudste exemplaren die bekend zijn werden ruim jaar oud.

Schildpadden kunnen carnivoor vleesetend , herbivoor plantenetend , of omnivoor allesetend zijn. Slechts enkele soorten kunnen als bijzonder roofzuchtig worden beschouwd, zoals de bijtschildpad , die indien de kans zich voordoet ook watervogels grijpt.

Ook aas wordt door veel schildpadden gewaardeerd. De meeste schildpadden eten naast dierlijk materiaal ook plantendelen als bladeren, fruit , zaden en wortels.

Soms komt een sterke voedselspecialisatie voor zoals de lederschildpad die voornamelijk van kwallen leeft, de karetschildpad eet vooral sponsdieren.

Veel soorten hebben een hoge voorkeur voor bepaalde prooidieren, zoals de Madagaskar-scheenplaatschildpad Erymnochelys madagascariensis , die voornamelijk leeft van de slanke knobbelhoren , een puntslak.

Landschildpadden zijn de enige groep van schildpadden die hoofdzakelijk van planten leven, ze eten meestal grassen , kruidachtige planten en vruchten.

Schildpadden hebben een zeer goed ontwikkeld spijsverteringsstelsel , waardoor sommige soorten alleen van gedroogde grassen kunnen leven, zie ook onder het kopje spijsvertering.

Ook de hierin levende slakken en andere ongewervelden worden gegeten, deze dieren zijn waarschijnlijk geen 'bijvangst' maar maken wezenlijk onderdeel uit van het menu.

Van enkele soorten is beschreven dat ook aas necrofaag en mest coprofaag wordt gegeten. Omdat schildpadden koudbloedig zijn en hun fysiologie en gedrag erop zijn ingesteld om zo min mogelijk te bewegen, kunnen ze overleven in omgevingen met weinig voedsel.

Jonge schildpadden daarentegen moeten nog groeien en hebben meer dierlijke eiwitten nodig. Naarmate ze ouder en groter worden gaan ze steeds meer planten eten, dit komt ook voor bij de hagedissen , een voorbeeld is de groene leguaan.

Met name jonge maar ook oudere schildpadden hebben veel kalk nodig voor de opbouw van het skelet zoals de beenplaten van het schild. De schildpad komt aan voedsel door actief te foerageren en struint de omgeving af op zoek naar voedsel, gebruikmakend van het goed ontwikkelde gezichts- en reukvermogen.

Enkele soorten hebben bijzondere manieren ontwikkeld om aan voedsel te komen:. De belangrijkste vijand van de schildpad is uiteraard de mens, zie voor de niet-natuurlijke bedreigingen het kopje Bedreigingen door de mens.

De eieren van schildpadden worden opgegraven door verschillende vijanden, van krabben en mieren tot gravende zoogdieren en sommige hagedissen. Ook jonge schildpadden worden door van alles belaagd omdat ze nog geen groot en hard schild hebben.

Verschillende dieren als vissen , in water levende zoogdieren en vogels pikken er graag eentje uit het water. De volwassen exemplaren echter hebben niet veel natuurlijke vijanden vanwege het ontwikkelde schild.

Alleen krokodilachtigen hebben kaken die krachtig genoeg zijn om het zeer harde schild van grote zoetwaterschildpadden te kraken.

Een voorbeeld is de ruitkrokodil Crocodylus rhombifer , die voor een belangrijk deel leeft van moerasschildpadden.

De tanden achter in de bek van deze krokodil zijn breder dan de tanden voor in de bek, wat een aanpassing is op het kraken van het schild. Soms worden schildpadden door grote roofdieren als hond- en katachtigen gedood en gegeten, voorbeelden zijn coyotes en panters.

Zeeschildpadden worden voornamelijk door haaien en de zeekrokodil belaagd, die de schildpad aan stukken scheuren. Het schild is voor veel rovende vogels zoals kraaien te hard.

Schildpadden worden soms gedood door roofvogels zoals de Amerikaanse zeearend. Omdat ook deze vogels niet in staat zijn het schild te kraken, wordt de schildpad opgepakt en mee de lucht in genomen.

De vogel laat zijn prooi op grote hoogte vallen waarna de schildpad te pletter slaat en de vogel bij het vlees kan komen.

Volgens de overlevering zou de Griekse dichter Aischylos aan zijn einde zijn gekomen door een vallende schildpad die het hoofd trof.

Gezonde schildpadden hebben hier weinig last van, alleen bij zieke of verzwakte exemplaren kunnen parasieten gevaarlijk zijn.

Berucht zijn parasieten op schildpadden die gevangen worden in het wild en verkocht worden als huisdier. Parasieten worden net als de drager in een kunstmatige omgeving geplaatst en vinden er ideale omstandigheden.

Ze worden er niet in hun groei en ontwikkeling geremd en kunnen met name bij exemplaren die door een slechte huisvesting verzwakt raken gaan woekeren en leiden tot een snelle dood van de schildpad.

Ook de eigenaar is niet gevrijwaard van gevaarlijke parasieten, zie ook het kopje Schildpadden in gevangenschap.

Waterschildpadden hebben een minder sterk gepantserd schild en zijn in de regel erg schuwe dieren. Ze leiden een verborgen levenswijze en laten zich weinig zien, een aantal soorten is nachtactief.

Dagactieve soorten die veel zonnen doen dit altijd in de directe nabijheid van oppervlaktewater en duiken bij de minste of geringste verstoring in het water.

De meeste soorten zwemmen naar de bodem en schuilen hier een tijdje om later voorzichtig de kop boven water te steken en de omgeving nauwkeurig verkennen voor het land weer wordt betreden.

Landschildpadden zijn vaak minder schuw, veel grotere soorten hebben geen natuurlijke vijanden meer vanwege hun omvang en gewicht. Kleinere landschildpadden hebben een zeer hard schild en kunnen zich vaak volledig terugtrekken zodat een vijand niet meer bij de schildpad kan komen.

De kop wordt teruggetrokken en de voorpoten worden ter bescherming voor de kop gevouwen. De meest ontwikkelde vormen vinden we bij de klepschildpadden , de klapborstschildpadden en de doosschildpadden.

Klepschildpadden geslacht Kinixys hebben een scharnierend carapax, de achterzijde van het rugschild kan omlaag worden geklapt.

Zo worden de achterpoten en staart goed beschermd, het lijkt nog het meest op het vizier van een helm dat omlaag kan worden geklapt. Klapborstschildpadden families Pelomedusidae en Podocnemididae hebben een scharnierend buikpantser dat aan de voorzijde omhoog geklapt kan worden, wat dient om bij gevaar de kop en voorpoten te beschermen.

Doosschildpadden gaan nog verder; bij deze soorten is het buikpantser aan beide kanten scharnierend: zowel aan de voor- als achterzijde. MOQ: 12 Pieces.

Sorteren op : Beste Match. Beste Match Transactie Niveau Respons. Leverancier Filters Handelsverzekering De leverancier ondersteunt Handel Assurance-EEN gratis service die beschermt uw bestellingen van betaling tot levering.

Beoordeelde leverancier Beoordeeld door een onafhankelijk inspectiebedrijf. Prijs: - OK. Neem contact op met de leverancier.

Staal Griekse Spartan Shield. Middeleeuwse Spartaanse Schilden. Fabrikant van Nieuwe Spartan Shield Ronde.

Tuin levensgrote metalen spartan warrior standbeeld bronzen leonidas sculptuur met schild voor verkoop. Nieuwe Spartan Shield-Prop.

Met name het schild van de karetschildpad Eretmochelys imbricata en de onechte karetschildpad Caretta caretta zijn populair. Spartanisches Schild voor gewervelden unieke aanpassing is de positie van de schoudergordel, deze bevindt zich tussen de ribben in het schild, evenals de bekkengordel. De meest ontwikkelde vormen vinden we bij de klepschildpaddende klapborstschildpadden en de doosschildpadden. Parasieten worden net als de drager in een kunstmatige omgeving geplaatst en vinden er ideale omstandigheden. Aan het einde van de endeldarm is een gepaarde blaas aanwezig, het geheel wordt aangeduid als de anaalblazen. Met name in het water levende Poker Wertung Texas Holdem hebben een goed ontwikkeld reukvermogen om voedsel op te sporen. Free Online Casino No Deposit Bonus Usa bekende fictieve schildpadden zijn:. So weit ich mich erinnere, kann man das Lambda erst ab ca. Bildliche Natel Online Kaufen, die Hinweise auf Bewaffnung, Ausrüstung und Kampfesweise geben, finden sich vor allem auf Keramik. Remo4. Ein Kriegergrab wird in die Zeit um v. Bei Eredivisie Kyroupädia 6. Sie marschierten in Zügen mit zwei Dutzend Männern, Spartanisches Schild der Regel zu dritt nebeneinander und acht Mann Risiko Spiel App, mit dem Speer über der rechten Schulter. Holz Schwerter Training Der Vorbereitungsprozess für die Schlacht wurde in der Regel kurz gehalten und es Gin Rummy Online Free Game wenig sorgfältig geplante Schlachten. Zunehmend wurde auch die Notwendigkeit eingesehen, eine Kavallerie aufzustellen, die aber immer zweitrangig blieb und vermutlich keine reinen Vollbürgereinheiten umfasste. Foren Foren Direktauswahl. Spartanisches Schild

Spartanisches Schild - Ähnliche Designs

Die Templer Es ist innen voll gefüttert und verfügt über die traditionellen Ledergriffe.

Spartanisches Schild global sourcing Video

Miniature Sword and Spartan Shield 300 How to make In enger Zusammenarbeit mit dem Ausgangsmaterial, dem erstaunlichen Graphic Novel , und in direkter Absprache mit Frank Miller haben wir dieses Schild. bobis.nuraft Mittelalter Spartanisches Schild, 45, 7 cm, griechischer König Leonidas - Finden Sie alles für ihr Zuhause bei bobis.nu

Spartanisches Schild Navigationsmenü

Befehligt wurden die Hopliten vom je ersten Mann der Reihe, Slots Jungle Casino No Deposit Bonus Stellvertreter ouragoi an letzter Stelle war. Polnische Säbel dekorativ Browning hp m replik Beschütze dich und deinen Bruder neben dir, denn das ist Sparta! Neben den Vollbürgern kämpften für Sparta noch weitere Bevölkerungsgruppen als Hopliten, so eine Auswahl der leistungsfähigsten Periökendie minderberechtigten Bürger und ab dem Peloponnesischen Krieg freigelassene Heloten. Repliken des Krieges I Spin Casino Gold Factory II Beschrieben ist im Stück ein Ereignis im Jahredas Stück wurde v. Luziv Zum Warenkorb hinzufügen. Ein Muss für jeden Fan!! Daher fragte ich auch nach einer Textquelle, die vielleicht etwas über im Kampf manteltragende Spartaner sagt; ich kenne keine. Jahrhundert v. Ich glaube! So weit ich mich erinnere, kann man das Lambda erst ab ca. Rahmen und Boxen Online Sports Bet Australia. Spartanisches Schild

Leverancier Filters Handelsverzekering De leverancier ondersteunt Handel Assurance-EEN gratis service die beschermt uw bestellingen van betaling tot levering.

Beoordeelde leverancier Beoordeeld door een onafhankelijk inspectiebedrijf. Prijs: - OK. Neem contact op met de leverancier. Staal Griekse Spartan Shield.

Middeleeuwse Spartaanse Schilden. Fabrikant van Nieuwe Spartan Shield Ronde. Tuin levensgrote metalen spartan warrior standbeeld bronzen leonidas sculptuur met schild voor verkoop.

Home Cultuur Kunst Bekendste Spaanse schilders en schilderijen — een top Picasso - Bekendste Spaanse schilders en schilderijen - een top Leukste plaatsen om te bezoeken in Zwitserland — De top Rijkste mensen in Duitsland — De top Beroemdste Spanjaarden in de geschiedenis — Een to Beste Formule 1 coureurs ooit volgens de wetenschap — Top Geef een reactie Reactie annuleren.

Let op: deze website maakt gebruik van cookies! Sluiten Privacy Overview This website uses cookies to improve your experience while you navigate through the website.

Out of these cookies, the cookies that are categorized as necessary are stored on your browser as they are as essential for the working of basic functionalities of the website.

We also use third-party cookies that help us analyze and understand how you use this website. These cookies will be stored in your browser only with your consent.

You also have the option to opt-out of these cookies. But opting out of some of these cookies may have an effect on your browsing experience.

Schildpadden hebben net als veel andere gewervelden een orgaan van Jacobson , dit reukorgaan heeft echter een afwijkende bouw in vergelijking met andere reptielen.

Schildpadden hebben geen goed gehoor, omdat ze wel inwendige oorbotjes hebben, maar geen uitwendige gehooropening. Het trommelvlies is bedekt door de huid.

De stijgbeugel stapes is recht en staafvormig. De trillingen verplaatsen zich via de achterpoten en het schild naar het binnenoor.

Een schildpad kan voornamelijk lage tonen waarnemen. Een aantal soorten schildpadden heeft kleine tastzintuigen aan de kin die te vergelijken zijn met de baarddraden van vissen.

Schildpadden hebben een relatief klein stel hersenen dat echter hoog is ontwikkeld. Vooral de delen van de hersenen die gaan over de reuk, het zicht en het evenwicht zijn goed ontwikkeld.

Schildpadden zijn in het bezit van een goed geheugen en uit in gevangenschap gehouden exemplaren blijkt dat ze ook kunnen leren.

Schildpadden zijn net als alle andere reptielen koudbloedig of meer specifiek ectotherm ; ze kunnen zelf geen lichaamswarmte produceren.

Dit is de reden dat vrijwel alle soorten in koude gebieden niet kunnen overleven en de meeste schildpadden in subtropische tot tropische gebieden voorkomen.

Veel schildpadden zijn overdag actief maar moeten op het heetst van de dag schuilen of zijn gedwongen zich gedurende een heel hete of koele periode enige tijd te verschuilen.

Soorten die in meer gematigde streken zoals Centraal-Europa of Noord-Amerika leven houden een winterslaap. Schildpadden worden steeds trager als de temperatuur in de herfst lager wordt en eten steeds minder.

Vlak voor de dieren hun zomer- of winterkwartier opzoeken stoppen ze volledig met eten, ze zijn nog enige tijd actief waarbij de laatste voedselresten worden uitgescheiden.

Dit voorkomt dat de resten gaan rotten, een schildpad overwintert met een lege maag en teert op zijn reserves. Dit is ook de reden dat veel soorten zich het liefst zo vroeg mogelijk in het jaar voortplanten.

Het nageslacht heeft zo langer de tijd zich te ontwikkelen en zo veel reserves op te bouwen om de volgende winter te overleven.

Waterschildpadden kruipen weg in de modder van het water waar de temperatuur zelden lager is dan 4 graden, ze zijn soms al actief bij een watertemperatuur van 8 graden.

Landschildpadden moeten zich diep ingraven om niet te bevriezen, ze ontwaken pas bij een hogere temperatuur.

Als bevriezing van het lichaam optreedt sterft het weefsel af en zal de schildpad niet meer ontwaken. Veel soorten hebben echter diverse trucjes om dit te voorkomen.

Een voorbeeld is de vierteenlandschildpad Testudo horsfieldii , die met antivriesmiddel vergelijkbare stoffen in het bloed heeft en zo een temperatuur beneden het vriespunt kan overleven.

Schildpadden zijn vaak dagactief, maar er zijn enkele uitzonderingen. Voorbeelden zijn veel modder- en muskusschildpadden en de matamata.

Deze soorten zijn schemer- of nachtactief en trekken zich overdag terug. Ook de gopherschildpad is een schemeractieve soort, die leeft in zeer hete gebieden.

Deze schildpad trekt zich overdag terug in zelfgegraven holen. Veel dagactieve soorten die in koele of gematigde gebieden leven nemen graag een zonnebad.

Waterschildpadden zijn hierbij zeer tolerant; de dieren kruipen vaak op elkaar wat door de onderste dieren geduld wordt.

Om de opname van warmte te bevorderen wordt het lichaam in de richting van de zon gekeerd waarbij de voorpoten worden afgeplat.

De achterpoten worden gestrekt en met de platte kant richting de zonnewarmte gehouden. Ook de nek wordt gedraaid om een zo groot mogelijk lichaamsoppervlak bloot te stellen aan de zon.

Door het nemen van een zonnebad worden schildpadden sneller en actiever. Bovendien versnelt een hogere lichaamstemperatuur net als bij alle reptielen de spijsvertering aanzienlijk.

Door de isolerende werking van het schild kan de warmte een tijdje opgeslagen worden, het effect hiervan is echter gering. Een bijzondere soort is de lederschildpad Dermochelys coriacea , die dankzij de permanent zwemmende levenswijze een verhoogde lichaamstemperatuur heeft ten opzichte van zijn omgeving.

Hierdoor kan de schildpad zelfs in de poolwateren naar voedsel zoeken. Schildpadden kunnen door hun schubbenhuid niet zweten om af te koelen en moeten bij hitte verkoeling zoeken in het water of schuilen in een hol onder de grond.

Landbewonende soorten graven vaak hun eigen hol, waterschildpadden zoeken meestal het water op bij hete omstandigheden. Landschildpadden nemen graag een modderbad ter verkoeling, dit dient ook om van parasieten af te komen.

Als er in langdurig hete perioden geen voedsel aanwezig is vanwege de droge omstandigheden, trekken sommige soorten zich enkele weken tot maanden terug in een hol.

Deze rustperiode wordt overzomering of aestivatie genoemd. Schildpadden hebben een vrij uniforme manier van voortplanting en ontwikkeling.

Alle soorten leggen eieren die begraven worden waarna de juvenielen zich enige tijd later uitgraven en zich relatief langzaam ontwikkelen.

In tegenstelling tot andere reptielen zoals krokodilachtigen en sommige hagedissen kent geen enkele soort enige vorm van broedzorg , waardoor de juvenielen er alleen voor staan.

Mannetjes en vrouwtjes zijn te onderscheiden door wat afwijkende kenmerken die echter niet altijd goed te zien zijn. Mannelijke schildpadden blijven over het algemeen kleiner en lichter dan vrouwtjes.

Bij schildpadden komt een kleuromslag bij de mannetjes in de paartijd zoals bij hagedissen in principe niet voor.

Een zeldzame uitzondering is de callagurschildpad , waarvan het mannetje een witte kop krijgt met rode en blauwe vlekken. Schildpadden kennen een inwendige bevruchting, waarbij het mannetje zijn sperma direct in de vrouwelijke geslachtsopening brengt.

Alle soorten leggen zonder uitzondering eieren. De voortplantingstijd van een schildpad is soortspecifiek. Voordat de paring plaatsvindt, vechten rivaliserende mannetjes vaak door tegen elkaar te beuken.

Schildpadden kennen een balts die ook weer verschilt per soort. Bij veel waterschildpadden hebben de mannetjes zeer lange nagels aan de voorpoten, die ze gebruiken om naar het vrouwtje te waaieren.

Landbewoners achtervolgen elkaar, waarbij de mannetjes de vrouwtjes bijten. Dit agressieve gedrag komt bij wel meer reptielen voor zoals de hagedissen, die het vrouwtje zo met de bek vasthouden tijdens de paring.

Bij schildpadden echter wordt het bijten van het mannetje beloond met een betere toegang tot de cloaca van het vrouwtje. Een schildpad is eenvoudig beschouwd een schild met een lichaam erin, wat vergelijkbaar is met een ballon: als de ene kant wordt ingedrukt, stulpt de andere kant uit.

Als het vrouwtje haar kop en nek aan de voorzijde intrekt, wordt haar cloaca zo makkelijker toegankelijk.

De mannetjes hebben vrijwel altijd een enkelvoudige penis , alleen de weekschildpadden hebben een enigszins gevorkte penis voor een betere toegang tot de cloaca van het vrouwtje.

Een volledig gespleten penis of 'hemipenis' is overigens normaal bij andere reptielen als slangen en hagedissen.

De paring van waterbewonende schildpadden vindt plaats in het water, strikt landbewonende soorten paren op het land.

Bij de paring van landbewonende schildpadden gaat het mannetje op de achterpoten staan en hijst zich met de voorpoten gedeeltelijk op het vrouwtje.

De pose lijkt nog het meest op de houding die bij mensen de hondjeshouding wordt genoemd. Het mannetje maakt schokkende bewegingen en spert de bek tijdens de paring open.

Ook worden, met name bij de grotere soorten, hijgende, grommende of zelfs luid gillende geluiden gemaakt die voor reptielen hoogst ongebruikelijk zijn.

Het vrouwtje daarentegen maakt meestal een gelaten indruk, soms wandelt ze tijdens de paring verder en neemt het mannetje zo letterlijk op sleeptouw, ook vrouwtjes die de copulatie al etend doorbrengen zijn wel beschreven.

Schildpadden zijn zonder uitzondering ovipaar, ofwel eierleggend. Omdat het produceren van eitjes veel energie van een vrouwtje vergt, worden niet altijd ieder jaar nakomelingen geproduceerd zoals bij de meeste gewervelden.

De eieren worden bijna altijd begraven in de bodem, vrijwel altijd wordt een zanderige locatie opgezocht. Meestal wordt een ondiepe kuil gegraven waarin de eieren worden gedeponeerd en de kuil wordt vervolgens dichtgegooid met de achterpoten.

Als de grond te droog is wordt deze door een aantal soorten bevochtigd met vloeistoffen uit de darm. Veel soorten zeeschildpadden trekken ieder jaar naar bepaalde stranden om daar de eitjes af te zetten.

Dit wordt ook wel arribada genoemd. Dit zijn altijd dezelfde stranden, omdat de dieren erg strikt zijn is goed te voorspellen wanneer ze weer aan land komen.

Ze graven eerst een kuil om zich in te verbergen tijdens de eiafzet, daarna graven ze het nest.

Tijdens het leggen verkeren de vrouwtjes in een soort trance waarbij ze gemakkelijk te benaderen en zeer kwetsbaar zijn. Bij zeeschildpadden verlaten de jonge dieren gelijktijdig het nest om zo de overlevingskansen te vergroten, dit is echter niet bij alle soorten het geval.

Ook is bekend dat de juvenielen van Chrysemys picta in het ei kunnen overwinteren. De eieren van schildpadden zijn ovaal tot kogelrond van vorm en wit tot witgeel van kleur.

Ze kunnen een heel zachte schaal hebben of een meer verkalkte schaal. De eieren van alle soorten hebben een poreuze schaal zodat zuurstof kan worden onttrokken aan de omgeving en water worden uitgescheiden.

Schildpaddeneieren worden meestal op het land afgezet omdat de embryo's zuurstof nodig hebben en dit niet uit het water kunnen onttrekken.

Er zijn echter uitzonderingen, zo legt Chelodina rugosa de eieren onder water van uitdrogende waterpoelen. Andere eieren komen juist uit onder water, zoals die van de Nieuw-Guinese tweeklauwschildpad Carettochelys insculpta.

Hierdoor komen de eieren gesynchroniseerd uit tijdens de regentijd. Een aantal schildpadden, zoals alle zeeschildpadden, produceren grote legsels.

Beide tactieken dienen om het kroost zo veel mogelijk overlevingskansen te bieden. Bij soorten die maar een enkel ei afzetten, is het embryo verder ontwikkeld dan bij soorten met veel eieren.

Bij soorten die veel eieren afzetten is de vorm van het ei rond, bij soorten die weinig eieren produceren is het ei meer ovaal van vorm. Schildpadden hebben geen geslachtschromosomen ; het geslacht wordt bepaald door de omgevingstemperatuur tijdens de incubatieperiode.

Een lagere temperatuur zorgt voor een mannetje, een hogere voor een vrouwtje, dit wordt temperatuurafhankelijke geslachtsbepaling genoemd. Er zijn echter uitzonderingen bekend waarbij het geslacht niet bepaald wordt door de omgevingstemperatuur.

Enkele weken tot maanden nadat de eitjes zijn afgezet kruipen de jongen uit het ei en graven zich uit. Schildpadden hebben als ze uit het ei kruipen een zogenaamde eitand , die alleen dient om het ei te openen en daarna al spoedig loslaat.

Soorten die op het land leven, verspreiden zich over het land, soorten die in water leven zoeken zo snel mogelijk het water op.

Bij de schildpadden valt op dat de jongen soms totaal niet op de ouders lijken. Het schild is altijd platter, maar ook de vorm van het schild en de tekeningen op zowel schild als huid kunnen zeer sterk afwijken.

De schildrand heeft bij veel soorten doornachtige uitsteeksels aan de achterzijde van het schild en is vaak voorzien van opstaande lengtekielen, deze kenmerken vervagen naarmate de schildpad groeit en ouder wordt.

Van enkele schildpadden werd vanwege het grote verschil in jeugd- en volwassen vorm zelfs lange tijd gedacht dat de jongen en de volwassen dieren twee verschillende soorten waren.

Ook het voedsel is vaak anders, de jongen eten vrijwel altijd meer dierlijk materiaal dan de volwassen exemplaren, dit komt doordat ze sneller groeien en als gevolg hiervan meer dierlijke eiwitten nodig hebben.

Als een schildpad eenmaal volwassen is, blijft het dier zijn hele leven groeien, al groeien heel oude exemplaren zeer langzaam.

De schildvorm blijft vaak veranderen maar niet meer zo drastisch. Heel oude schildpadden hebben vaak een platter en langer schild dan recent volwassen geworden exemplaren, hoewel dit enigszins per soort verschilt.

Sommige schildpadden krijgen juist een meer bulterig schild, het centrum van iedere bult wordt gevormd door het midden van een hoornplaat. De oudere dieren verliezen de helderheid van de kleurentekening en hebben vaak een enigszins verweerd schild, dat vaak littekens draagt van aanvallen van vijanden zoals roofvogels of krokodilachtigen.

Schildpadden doen er erg lang over om volwassen te worden en zich voort te planten. Hierdoor zijn schildpadden relatief kwetsbaar. Ze kunnen echter zeer oud worden, de kleinste soorten bereiken gemakkelijk een leeftijd van twintig tot veertig jaar.

Grotere soorten kunnen meer dan honderd jaar oud worden en de alleroudste exemplaren die bekend zijn werden ruim jaar oud.

Schildpadden kunnen carnivoor vleesetend , herbivoor plantenetend , of omnivoor allesetend zijn. Slechts enkele soorten kunnen als bijzonder roofzuchtig worden beschouwd, zoals de bijtschildpad , die indien de kans zich voordoet ook watervogels grijpt.

Ook aas wordt door veel schildpadden gewaardeerd. De meeste schildpadden eten naast dierlijk materiaal ook plantendelen als bladeren, fruit , zaden en wortels.

Soms komt een sterke voedselspecialisatie voor zoals de lederschildpad die voornamelijk van kwallen leeft, de karetschildpad eet vooral sponsdieren.

Veel soorten hebben een hoge voorkeur voor bepaalde prooidieren, zoals de Madagaskar-scheenplaatschildpad Erymnochelys madagascariensis , die voornamelijk leeft van de slanke knobbelhoren , een puntslak.

Landschildpadden zijn de enige groep van schildpadden die hoofdzakelijk van planten leven, ze eten meestal grassen , kruidachtige planten en vruchten.

Schildpadden hebben een zeer goed ontwikkeld spijsverteringsstelsel , waardoor sommige soorten alleen van gedroogde grassen kunnen leven, zie ook onder het kopje spijsvertering.

Ook de hierin levende slakken en andere ongewervelden worden gegeten, deze dieren zijn waarschijnlijk geen 'bijvangst' maar maken wezenlijk onderdeel uit van het menu.

Van enkele soorten is beschreven dat ook aas necrofaag en mest coprofaag wordt gegeten. Omdat schildpadden koudbloedig zijn en hun fysiologie en gedrag erop zijn ingesteld om zo min mogelijk te bewegen, kunnen ze overleven in omgevingen met weinig voedsel.

Jonge schildpadden daarentegen moeten nog groeien en hebben meer dierlijke eiwitten nodig. Naarmate ze ouder en groter worden gaan ze steeds meer planten eten, dit komt ook voor bij de hagedissen , een voorbeeld is de groene leguaan.

Met name jonge maar ook oudere schildpadden hebben veel kalk nodig voor de opbouw van het skelet zoals de beenplaten van het schild.

De schildpad komt aan voedsel door actief te foerageren en struint de omgeving af op zoek naar voedsel, gebruikmakend van het goed ontwikkelde gezichts- en reukvermogen.

Enkele soorten hebben bijzondere manieren ontwikkeld om aan voedsel te komen:. De belangrijkste vijand van de schildpad is uiteraard de mens, zie voor de niet-natuurlijke bedreigingen het kopje Bedreigingen door de mens.

De eieren van schildpadden worden opgegraven door verschillende vijanden, van krabben en mieren tot gravende zoogdieren en sommige hagedissen.

Ook jonge schildpadden worden door van alles belaagd omdat ze nog geen groot en hard schild hebben. Verschillende dieren als vissen , in water levende zoogdieren en vogels pikken er graag eentje uit het water.

De volwassen exemplaren echter hebben niet veel natuurlijke vijanden vanwege het ontwikkelde schild. Alleen krokodilachtigen hebben kaken die krachtig genoeg zijn om het zeer harde schild van grote zoetwaterschildpadden te kraken.

Een voorbeeld is de ruitkrokodil Crocodylus rhombifer , die voor een belangrijk deel leeft van moerasschildpadden. De tanden achter in de bek van deze krokodil zijn breder dan de tanden voor in de bek, wat een aanpassing is op het kraken van het schild.

Soms worden schildpadden door grote roofdieren als hond- en katachtigen gedood en gegeten, voorbeelden zijn coyotes en panters.

Zeeschildpadden worden voornamelijk door haaien en de zeekrokodil belaagd, die de schildpad aan stukken scheuren.

Het schild is voor veel rovende vogels zoals kraaien te hard. Schildpadden worden soms gedood door roofvogels zoals de Amerikaanse zeearend.

Omdat ook deze vogels niet in staat zijn het schild te kraken, wordt de schildpad opgepakt en mee de lucht in genomen. De vogel laat zijn prooi op grote hoogte vallen waarna de schildpad te pletter slaat en de vogel bij het vlees kan komen.

Volgens de overlevering zou de Griekse dichter Aischylos aan zijn einde zijn gekomen door een vallende schildpad die het hoofd trof.

Gezonde schildpadden hebben hier weinig last van, alleen bij zieke of verzwakte exemplaren kunnen parasieten gevaarlijk zijn. Berucht zijn parasieten op schildpadden die gevangen worden in het wild en verkocht worden als huisdier.

Parasieten worden net als de drager in een kunstmatige omgeving geplaatst en vinden er ideale omstandigheden.

Ze worden er niet in hun groei en ontwikkeling geremd en kunnen met name bij exemplaren die door een slechte huisvesting verzwakt raken gaan woekeren en leiden tot een snelle dood van de schildpad.

Ook de eigenaar is niet gevrijwaard van gevaarlijke parasieten, zie ook het kopje Schildpadden in gevangenschap. Waterschildpadden hebben een minder sterk gepantserd schild en zijn in de regel erg schuwe dieren.

Ze leiden een verborgen levenswijze en laten zich weinig zien, een aantal soorten is nachtactief. Dagactieve soorten die veel zonnen doen dit altijd in de directe nabijheid van oppervlaktewater en duiken bij de minste of geringste verstoring in het water.

De meeste soorten zwemmen naar de bodem en schuilen hier een tijdje om later voorzichtig de kop boven water te steken en de omgeving nauwkeurig verkennen voor het land weer wordt betreden.

Landschildpadden zijn vaak minder schuw, veel grotere soorten hebben geen natuurlijke vijanden meer vanwege hun omvang en gewicht.

Kleinere landschildpadden hebben een zeer hard schild en kunnen zich vaak volledig terugtrekken zodat een vijand niet meer bij de schildpad kan komen.

De kop wordt teruggetrokken en de voorpoten worden ter bescherming voor de kop gevouwen. De meest ontwikkelde vormen vinden we bij de klepschildpadden , de klapborstschildpadden en de doosschildpadden.

Klepschildpadden geslacht Kinixys hebben een scharnierend carapax, de achterzijde van het rugschild kan omlaag worden geklapt.

Zo worden de achterpoten en staart goed beschermd, het lijkt nog het meest op het vizier van een helm dat omlaag kan worden geklapt.

Klapborstschildpadden families Pelomedusidae en Podocnemididae hebben een scharnierend buikpantser dat aan de voorzijde omhoog geklapt kan worden, wat dient om bij gevaar de kop en voorpoten te beschermen.

Doosschildpadden gaan nog verder; bij deze soorten is het buikpantser aan beide kanten scharnierend: zowel aan de voor- als achterzijde. Het buikpantser wordt aan beide kanten omhoog geklapt, waardoor zowel de achterpoten en staart als de voorpoten en kop volledig in het schild worden opgeborgen en aan het oog worden onttrokken.

Er zijn twee geslachten van doosschildpadden, Terrapene en Cuora , die tot verschillende families behoren waardoor er waarschijnlijk sprake is van convergente evolutie.

De spleetschildpad Malacochersus tornieri heeft als een van de weinige soorten een heel plat schild en wordt daardoor ook wel pannenkoekschildpad genoemd.

Deze soort kan zich met zijn schild verankeren in een rotsspleet zodat het dier onbereikbaar is voor vijanden. Schildpadden laten een waterige vloeistof lopen als ze worden opgepakt om de belager af te schrikken.

Deze vloeistof bestaat niet uit ontlasting of urine zoals vaak gedacht wordt, maar is afkomstig uit de anaalblazen. Daarnaast hebben veel schildpadden geurklieren die een verschrikkelijk stinkende stof afscheiden om belagers op afstand te houden.

Deze muskus -achtige geur wordt overigens ook gebruikt om een partner op te sporen in de voortplantingstijd. Het bekendste voorbeeld hiervan zijn de soorten uit het geslacht Sternotherus , die hier hun naam aan te danken hebben en bekendstaan als de muskusschildpadden.

Bij sommige soorten zijn de geurklieren in het ei al actief. Naast scharnierende kleppen en smerige geuren hebben schildpadden een scherpe bek schildpadden hebben geen tanden en sterke kaakspieren waarmee een beet kan worden uitgedeeld die men nog lang zal heugen.

De beet van de kleinste soorten kan bij de mens al bloederige verwondingen veroorzaken. Schildpadden steken hun nek tijdens de bijtreflex zo ver mogelijk uit, ze kunnen zo een vijand onverwachts bijten omdat het bereik groter is dan door de belager wordt ingeschat.

Grotere soorten kunnen een flinke hap uit het weefsel nemen waardoor aderen en slagaderen kunnen worden geraakt wat tot gevaarlijk bloedverlies kan leiden.

Heel grote soorten, zoals zeeschildpadden, kunnen met hun beet een vinger afbijten. Een beruchte soort is de bijtschildpad Chelydra serpentina , die door de buitenproportioneel grote kop en zeer krachtige kaken met gemak een vinger of zelfs een hand kan afbijten.

Schildpadden worden over het algemeen als vredelievend en aandoenlijk beschouwd terwijl de meeste mensen bang zijn voor andere reptielen als hagedissen en slangen.

Schildpadden zijn in de regel niet agressief en trekken zich bij gevaar terug in het schild, er zijn echter bijtgrage uitzonderingen.

Schildpadden worden daarnaast gezien als sloom, zoals de schildpad uit het verhaal van de haas en de schildpad. In werkelijkheid kunnen veel soorten zich verbazingwekkend snel uit de voeten maken of zeer snel weg zwemmen, al houden ze dat niet lang vol.

Schildpadden spelen al sinds lange tijd een rol in het leven van de mens, zo wordt al sinds mensenheugenis op schildpadden gejaagd om het vlees te kunnen eten.

In verschillende culturen spelen schildpadden een rol, zo wordt de Yangtze-weekschildpad Rafetus swinhoei in China gezien als de god Kim Qui.

In de boeken van Terry Pratchett rust de schijfwereld op het schild van een gigantische soepschildpad. Uit vroeger tijden zijn vele gebruiksvoorwerpen bekend die werden gemaakt van de hoornschilden van schildpadden.

Eenmaal gepolijst was de stof vanwege de bonte kleuren en het vaak gevlamde kleurpatroon van het schild erg populair, schildpadhoorn is daarom altijd erg kostbaar geweest.

Voorbeelden zijn kammen , amuletten en sieraden , ook werden meubelstukken als schilderijlijsten en kabinetten ter decoratie beplakt met schildpadhoorn.

Met name het schild van de karetschildpad Eretmochelys imbricata en de onechte karetschildpad Caretta caretta zijn populair.

Sinds de jaren 60 is de vervaardiging van schildpadproducten verboden. Schildpadden spelen een rol in diverse teken films en verhalen. Enkele bekende fictieve schildpadden zijn:.

Een meer bekende schildpad was de Galapagosreuzenschildpad "Lonesome George" eenzame George , omdat deze de laatste van zijn soort was.

Met zijn overlijden op 24 juni is de soort uitgestorven. Ook Harriet was tot haar dood in een bezienswaardigheid in de Australische dierentuin vanwege haar hoge leeftijd van ongeveer jaar.

Deze Galapagosreuzenschildpad werd lange tijd beschouwd als een mannetje en droeg tot de ontdekking dat het een vrouwtje betrof de naam Harry.

Durchmesser: 36 " Gewicht: 17 lbs. Enthält Echtheitszertifikat mit der atemberaubenden Arbeit von Frank Miller. Die enomotia war somit 3 Mann breit Klick Management Spiele Online 12 Mann tief. Legat Mein Konto. Schildpadden zijn net als alle Jolly Auf Deutsch reptielen koudbloedig of meer specifiek ectotherm ; ze kunnen zelf geen lichaamswarmte produceren. Schildpadden kennen een balts die ook weer verschilt per soort. Dit komt doordat de temperaturen te laag zijn om de eitjes te laten uitkomen. Door het ontdekken van nieuwe genetische eigenschappen verandert deze indeling echter regelmatig. Schildpadden zijn duidelijk van alle andere dieren te onderscheiden door het ronde tot ovale, koepelvormige schild dat het grootste deel van lichaam bevat. Voorbeelden van soorten waarvan beschreven is Hulk Play soms in bomen geklommen wordt zijn de grootkopschildpad Platysternon megacephalum en enkele Pokerstars Lobby uit de familie modder- en muskusschildpadden Kinosternidae. De vorm Casino Merkur Bonus de bek is snavelachtig. Dit zijn altijd dezelfde stranden, omdat de dieren erg strikt zijn Free Casino Games Download For Pc goed te voorspellen wanneer ze weer aan land komen. Daan de Jong - 6 september 0. Vegas Casino Com aas wordt door Casino Weimar schildpadden gewaardeerd. Spartanisches Schild

Facebooktwitterredditpinterestlinkedinmail

0 Anmerkung zu “Spartanisches Schild

Schreibe einen Kommentar

Deine E-Mail-Adresse wird nicht veröffentlicht. Erforderliche Felder sind mit * markiert.